Vinger aan de dijk
de IJ-dijken toen, nu en straks
kleine foto kleine foto kleine foto kleine foto kleine foto
Nieuws
De dijk op met...
 
dij-ker

de (m.)

1. Iemand die dijken maakt, repareert enz. synoniem:
dijkwerker
1. eten als een dijker
zeer veel eten
2. (gewestelijk) bewoner van een dijkweg
3. nozem die zijn vertier op de Nieuwendijk zocht (in de jaren 50 van de 20e eeuw)
antoniem: pleiner

bron: van Dale

 
Nieuws
De dijk op met...
 
dij-ker

de (m.)

1. Iemand die dijken maakt, repareert enz. synoniem:
dijkwerker
1. eten als een dijker
zeer veel eten
2. (gewestelijk) bewoner van een dijkweg
3. nozem die zijn vertier op de Nieuwendijk zocht (in de jaren 50 van de 20e eeuw)
antoniem: pleiner

bron: van Dale

 
De dijk op met Jeroen van Westen III
vrijdag 12 mei 2006

WAKER – SLAPER - DROMER
Culturele planologie ‘avant la lettre’

Met de nota Belvedere is er een nieuwe benadering van het landschap voorgesteld aan de maatschappij. Kern is de slagzin “Behoud door ontwikkeling”. Opvallend daarin is het ontbreken van de t achter behoud, waarmee het jarenlange primaat van conserveren en restaureren van de cultuurhistorische monumenten toch nog gehandhaafd lijkt te worden.



De dijk op met Jeroen van Westen IIIDe IJ-dijken zijn misschien wel een Belvedèreproject ‘avant la lettre’. Onbewust lijkt “de cultuur van het behoud” gecombineerd met “de cultuur van het maken”.*
De IJdijken keerden ooit het water van een zeearm, maar het IJ verzandde en de zee werd afgedamd: de dijk werd van waker slaper. Na de inpoldering van het IJ en achter de Afsluitdijk aan de ene kant en de sluizen van IJmuiden aan de andere kant werden ze van slaper tot dromer. Nog staat ze op de kaarten van de waterschappen als primaire waterkering, maar voor dromers is weinig ruimte in onze samenleving, zelfs al benoem je ze tot provinciaal monument. Hoe heeft de laatmiddeleeuwse dijk nieuwe ontwikkelingen doorstaan?
De oude dijken zijn nog herkenbaar tot in hartje Amsterdam, en als je even omhoog kijkt zie je in de gevelstenen nog welke eigenaren geheel op de zee gericht waren. Lopend over de Zuiddijk in Zaandam kun je verschil zien tussen de landzijde en de waterzijde. De dijk is een verbindingsroute geworden waarlangs wonen en werken, tuinen en begraafplaatsen hun plek vonden. De dijk bleek een uitnodiging en is mede daardoor behouden gebleven, behalve daar waar de uitgenodigde ontwikkelingen de dijk –vaak letterlijk- boven het hoofd zijn gegroeid. Dit laatste is bij voorbeeld overduidelijk gebeurd in het Amsterdamse Westelijk havengebied, maar ook in het gebied Teleport Sloterdijk, hier raakten ooit IJ en Haarlemmermeer elkaar bijna. Waar de dijk veel bewoning heeft aangetrokken zijn er stukken als de Zuiddijk en de Hogedijk in Zaandam rijp voor stadsherstel en hier en daar zelfs stadsvernieuwing. Een andere bedreiging voor de monumentale waarde van de oude dijk geldt voor het (kleine) deel waar ze nog ‘zeewering’ is. De dijk moet daar technisch gezien verjongd worden, lees verzwaard.
Culturele planologie is eerder een proces op maat gekoppeld aan een gebied, dan een model. Het is aan ons om aan te leren van het lijfsbehoud dat het middeleeuwse dijkpatroon heeft getoond en daarmee aan te tonen dat de IJdijken, ook al lijken ze te dromen, levenslust bezitten.

* [citaten uit inhoudelijke karakterisering Belvedere door Rijkslandschapsadviseur Dirk Sijmons in Noorderbreedtehier >>> voor het artikel van Simons.